Verzekeringsvoorwaarden

Verzekeringsvoorwaarden

Productvoorwaarden

Deze voorwaarden vormen één geheel met de Algemene  Voorwaarden die van toepassing zijn.

Artikel 1 Aanvullende begripsomschrijvingen

1.1 Verzekerde

Degene die als zodanig is omschreven in de afzonderlijke  rubrieken van deze verzekering.

1.2 Gebeurtenis

Een voorval of een reeks met elkaar verband houdende  voorvallen ten gevolge waarvan schade is ontstaan.

Artikel 2 Verzekeringsgebied

De verzekering is van kracht in de landen die in Europa liggen. (EEA en UK)

Artikel 3 Wat is verzekerd?

3.1 Omvang van de dekking

Deze verzekering geeft dekking voor de op het polisblad van  toepassing verklaarde rubrieken.

3.2 Voorwaardelijke dekking voor een vervangend  motorrijtuig

Als het verzekerde motorrijtuig tijdelijk buiten gebruik is gesteld  voor reparatie, revisie of wettelijk verplichte keuring, kan deze  verzekering tijdens deze periode ook geldig zijn voor een, niet  aan verzekeringnemer toebehorend, gelijksoortig en gelijkwaardig  vervangend motorrijtuig.

Deze voorwaardelijke dekking geldt uitsluitend in die gevallen,  waarbij bij schade blijkt dat voor de vervangende auto geen  WAM-verzekering is afgesloten en geldt voor maximaal 30  aaneengesloten dagen.

3.3 Hulpverlening

De verzekering geeft aanspraak op hulpverlening en/of  kostenvergoeding zoals hierna omschreven, als aan de volgende  voorwaarden is voldaan:

- de verzekering heeft betrekking op een personenauto, een  bestelauto met een toegestaan totaalgewicht tot en met 3.500 kg of een motorrijwiel;

- de hulpverlening en/of kostenvergoeding zijn tot stand gekomen in overleg met en na verkregen toestemming van  de de verzekeraars Alarmservice;

- het motorrijtuig en/of eventueel gekoppeld object is door  brand, een ongeval of een andere van buiten komende  gebeurtenis (waaronder niet begrepen het enkel tot stilstand  komen als gevolg van een mechanisch defect) zodanig  beschadigd dat daarmee niet meer verantwoord kan worden  gereden en/of de bestuurder is door deze gebeurtenis niet  meer in staat het motorrijtuig te besturen en geen van de in

of opzittenden is bevoegd of in staat de besturing over te  nemen.

3.3.1 Hulpverlening in Nederland

De hulpverlening in Nederland omvat:

3.3.1.1 het vervoer van het beschadigde motorrijtuig en eventueel  gekoppeld object naar een door verzekeringnemer te bepalen  adres in Nederland;

3.3.1.2 vervoer per taxi van de bestuurder en eventuele in- of  opzittenden met hun bagage naar een door de bestuurder te  bepalen adres in Nederland.

3.3.2 Hulpverlening buiten Nederland

De hulpverlening buiten Nederland (maar wel binnen het  verzekeringsgebied) omvat:

3.3.2.1 vergoeding van de kosten van berging en vervoer van het beschadigde motorrijtuig en eventueel gekoppeld object naar de  dichtstbijzijnde garage waar de schade kan worden beoordeeld  en/of hersteld;

3.3.2.2 het vervoer van het beschadigde motorrijtuig en eventueel  gekoppeld object naar een door verzekeringnemer te bepalen  adres in Nederland, als vaststaat dat het motorrijtuig en eventueel  gekoppeld object niet binnen vier werkdagen zodanig kan worden  gerepareerd, eventueel door middel van een noodreparatie, dat  de (terug)reis op technisch verantwoorde wijze kan plaatsvinden.  Als de kosten van vervoer hoger zijn dan de waarde van het  gestrande object na het ongeval, worden de kosten van invoer  en/of vernietiging van het gestrande object in het betreffende land  vergoed. In dat geval heeft verzekerde recht op vervoer van  reisbagage naar Nederland;

3.3.2.3 vergoeding van de kosten van voortzetting van de reis  naar de eerste bestemming of de kosten van de terugreis van de  bestuurder en de eventuele in- of opzittenden, als op grond van  het bepaalde in artikel 3.3.2.2 niet met het motorrijtuig wordt door

of teruggereisd. Vergoed worden de kosten op basis van vervoer  per taxi naar het dichtstbijzijnde bus- of spoorwegstation,  aansluitend de bus of trein (2e klasse) naar het meest nabij de  plaats van bestemming gelegen station en per taxi vanaf dat  station naar de plaats van bestemming.

3.3.3.3 Op de te vergoeden kosten worden de directe kosten die onder normale omstandigheden toch zouden worden gemaakt in  mindering gebracht. Op deze dekking is geen eigen risico van  toepassing.

3.4 Vervoer van gewonden

De verzekering geeft recht op vergoeding van kosten voor  reiniging en/of herstel van de binnenstoffering van het  motorrijtuig, als deze verontreinigd is door het kosteloos  vervoeren van gewonde personen.

Op deze vergoeding wordt geen eigen risico in mindering  gebracht.

3.5 Wat is uitgesloten?

Deze verzekering geeft geen dekking bij:

3.5.1 Opzet

Als de verzekerde die de schade lijdt deze met opzet, al dan niet  bewuste roekeloosheid of al dan niet bewuste merkelijke schuld  heeft veroorzaakt. Als de verzekeraar op grond van wettelijke  bepalingen een schade moet vergoeden is zij gerechtigd deze te  verhalen op de verzekerde door wiens opzet, al dan niet bewuste

roekeloosheid of al dan niet bewuste merkelijke schuld de schade  is veroorzaakt;

3.5.2 Ontbreken van een geldig rijbewijs

Als de feitelijke bestuurder:

- niet in het bezit is van een geldig voor het motorrijtuig  wettelijk voorgeschreven rijbewijs, of niet heeft voldaan aan  de overige ten aanzien van de rijbevoegdheid gestelde  voorschriften. Als geldig rijbewijs wordt ook beschouwd een  rijbewijs dat zijn geldigheid heeft verloren door het  verstrijken van de in de wet genoemde geldigheidsduur,  tenzij de leeftijd van 70 jaar is bereikt;

- niet heeft voldaan aan de op zijn rijbewijs gestelde  voorschriften;

- een rijverbod is opgelegd;

- zijn rijbewijs is ingenomen;

- de rijbevoegdheid is ontzegd.

Als de feitelijke bestuurder geslaagd is voor het  rijvaardigheidsexamen maar het rijbewijs nog niet aan hem is  uitgereikt, biedt deze verzekering wel dekking;

3.5.3 Ander gebruik

Als de gebeurtenis of het ongeval is veroorzaakt tijdens gebruik  van het motorrijtuig anders dan waarvoor dit volgens opgave is  bestemd, behalve als met het motorrijtuig een ander motorrijtuig  bij wijze van vriendendienst wordt gesleept;

3.5.4 Verhuur / betaald vervoer

Als de gebeurtenis of het ongeval is veroorzaakt terwijl het  motorrijtuig is verhuurd of wordt gebruikt voor vervoer van  personen en/of zaken tegen betaling – met uitzondering van  carpoolen –, tenzij anders is overeengekomen;

3.5.5 Wedstrijden

Als de gebeurtenis of het ongeval is veroorzaakt tijdens deelname  aan wedstrijden, straatraces, snelheidsproeven of -ritten, tenzij  sprake is van regelmatigheids- of behendigheidswedstrijden of - ritten, die geheel binnen Nederland plaatsvinden, niet langer

duren dan 24 uur en waarbij het snelheidselement ontbreekt;

3.5.6 Alcoholgebruik

Als de gebeurtenis of het ongeval heeft plaatsgevonden terwijl de  bestuurder van het motorrijtuig onder zodanige invloed van  alcoholhoudende dranken en/of enig bedwelmend, opwekkend  middel of geneesmiddel verkeerde, dat hij niet in staat kon  worden geacht het motorrijtuig naar behoren te besturen, dan wel  dat hem dit door de wet of overheid is of zou zijn verboden.

Hiervan is ook sprake, als de bestuurder weigert mee te werken  aan een ademtest, urine- of bloedproef of soortgelijk onderzoek,  dan wel zich hieraan onttrekt.

Als de verzekeraar op grond van wettelijke bepalingen aan een derde een uitkering moet verlenen kan hij deze verhalen op  verzekeringnemer en/of op de aansprakelijke personen.

3.5.7 Inbeslagneming

Als de gebeurtenis of het ongeval is veroorzaakt gedurende de  tijd dat het motorrijtuig in beslag is genomen door of wordt  gebruikt krachtens besluit van een Nederlandse of vreemde  mogendheid;

De uitsluitingen genoemd in 3.5.1 tot en met 3.5.6 gelden niet als verzekeringnemer aantoont dat bedoelde omstandigheden zich  buiten zijn weten en tegen zijn wil hebben voorgedaan en dat hij ter zake daarvan redelijkerwijs geen verwijt treft.

3.6 Als de verzekeraar tot uitkering is verplicht omdat  verzekeringnemer redelijkerwijs geen verwijt treft, zal de verzekeraar alle ontstane schade en kosten verhalen op de aansprakelijke  personen.

Artikel 4 Verplichtingen bij schade

4.1 Algemene verplichtingen

De verzekerde is verplicht om zodra hij op de hoogte is van een  gebeurtenis die voor de verzekeraar tot een verplichting kan leiden:

4.1.1 deze gebeurtenis zo spoedig als redelijkerwijs mogelijk is  aan de verzekeraar te melden;

4.1.2 alle gegevens te verstrekken, en bescheiden, waaronder  een volledig ingevuld Europees Aanrijdingsformulier, direct aan  de verzekeraar door te sturen. Verzekerde dient zich te onthouden van  elk uiten, handelen of nalaten waaruit erkenning van een  verplichting tot schadevergoeding zou kunnen worden afgeleid of  anderszins de belangen van de verzekeraar zouden kunnen worden  geschaad;

4.1.3 alle inlichtingen aan de verzekeraar te geven (gevraagd of  ongevraagd) die van belang kunnen zijn voor de beoordeling van  de aansprakelijkheid;

4.1.4 binnen redelijke grenzen alle maatregelen te nemen die tot  voorkoming of vermindering van schade kunnen leiden; 4.1.5 zijn volle medewerking te verlenen en de leiding van de  schaderegeling en de gerechtelijke procedures aan de verzekeraar over te laten;

4.1.6 in geval van diefstal of poging daartoe, braak, verduistering,  joyriding, vandalisme en vermissing, direct aangifte te doen bij de  politie of, in het geval dat dat niet mogelijk is, bij andere daarvoor  in aanmerking komende bevoegde autoriteiten en van deze  aangifte een origineel schriftelijk bewijs aan de verzekeraar te  overleggen. Als de verzekeraar daarom vraagt, dient de verzekerde  zijn rechten op de ontvreemde zaak aan de verzekeraar over te  dragen.

4.1.7 zo spoedig mogelijk bij de verzekeraar te melden dat er een  strafvervolging tegen hem wordt ingesteld. Als de verzekeraar dat  wenst, dient de verzekerde zich te laten bijstaan door een  raadsman die door de verzekeraar wordt aangewezen.De verzekerde  moet deze raadsman alle medewerking verlenen.De verzekerde  is niet verplicht hoger beroep aan te tekenen of daarvan afstand  te doen.

Artikel 5 Verlies van recht op uitkering

De verzekering geeft geen dekking als verzekerde één of meer  verplichtingen niet is nagekomen en daardoor de belangen van  de verzekeraar heeft geschaad. Elk recht op uitkering vervalt, wanneer verzekerde bij schade opzettelijk onjuiste gegevens heeft  verstrekt, dan wel één van de verplichtingen niet is nagekomen  met het opzet de verzekeraar te misleiden, tenzij de misleiding het  verval van recht niet rechtvaardigt.

Artikel 6 Premiegrondslag

De premie wordt vastgesteld op grond van de op het polisblad  vermelde premie- en inschalingbepalende factoren waaronder  postcode, gewicht en verzekerde waarde. Verzekeringnemer is verplicht onjuistheden en wijzigingen in deze gegevens direct aan  de verzekeraar mede te delen, waarna deze het recht heeft de premie  en/of voorwaarden tussentijds aan te passen.


Artikel 7 Verzekeringsbureau voor voertuigcriminaliteit  (VbV).

Bij constatering van vermissing van het motorrijtuig dient  verzekerde de verzekeraar onverwijld van dit feit op de hoogte te  stellen.

Verzekeringnemer verklaart zich akkoord met het door de verzekeraar aanmelden van de motorrijtuiggegevens bij het

Verzekeringsbureau voor voertuigcriminaliteit ( VbV), zodat door  de overheid erkende particuliere organisaties door haar  ingeschakeld kunnen worden voor het terugvinden en bezorgen  van het motorrijtuig. Verzekerde kan ook zelf rechtstreeks de  vermissing van het motorrijtuig doorgeven aan dit bureau, dat 24  uur per dag bereikbaar is onder nummer (+31) (0) 55 -7410001.

Bijzondere Voorwaarden

Rubriek I Aansprakelijkheid (WA)

Artikel 1 Algemeen

Met voorbijgaan aan hetgeen anders in deze verzekeringsvoorwaarden mocht zijn bepaald, wordt deze  verzekering geacht aan de door of krachtens de Wet  Aansprakelijkheidsverzekering Motorrijtuigen (WAM) gestelde  eisen te voldoen.

Artikel 2 Aanvullende begripsomschrijvingen

2.1 Verzekerden

Verzekerden zijn:

- verzekeringnemer;

- de eigenaar, bezitter of houder van het motorrijtuig; - de bestuurder;

- de passagiers;

- de werkgever van bovengenoemde verzekerden, wanneer  hij op grond van artikel 6:170 BW aansprakelijk is voor de  schade die door de verzekerde is veroorzaakt.

2.2 Motorrijtuig

Het motorrijtuig dat als zodanig is omschreven op het polisblad.

Artikel 3 Wat is verzekerd?

3.1 Aansprakelijkheidsschade

Verzekerd is de aansprakelijkheid van verzekerde voor schade  aan personen en zaken – met inbegrip van de daaruit  voortvloeiende schade – met of door het motorrijtuig veroorzaakt  en wel voor alle verzekerden tezamen tot ten hoogste het op het  polisblad vermelde bedrag per gebeurtenis.

Als de gebeurtenis is veroorzaakt in een land waar een hoger verzekerd bedrag wettelijk is voorgeschreven, geeft de  verzekering dekking tot dat hogere bedrag.

3.2 Gekoppeld object

Verzekerd is de aansprakelijkheid van verzekerde voor schade  veroorzaakt met of door een object, dat aan het motorrijtuig is gekoppeld of daarvan is losgemaakt of losgeraakt en nog niet  veilig buiten het verkeer tot stilstand is gekomen.

3.3 Slepen

Verzekerd is de aansprakelijkheid voor een ander motorrijtuig dat  bij wijze van vriendendienst wordt gesleept.

3.4 Lading

Verzekerd is de aansprakelijkheid voor schade toegebracht door  zaken die zich bevinden in/op, vallen uit/van of gevallen zijn  uit/van het motorrijtuig. Als de schade tijdens het laden of lossen  voorvalt is deze niet gedekt.


3.5 Andere motorrijtuigen van verzekeringnemer Per gebeurtenis verzekert de verzekeraar tot maximaal het verzekerd  bedrag de aansprakelijkheid voor schade die een verzekerde  toebrengt aan andere motorrijtuigen van hemzelf voor zover hij daartoe ook verplicht zou zijn geweest als de schade door een willekeurige derde zou zijn geleden.

Hiervan is echter uitgesloten:

- de schade ontstaan bij een gebeurtenis in gebouwen of op  terreinen die bij verzekerde in gebruik zijn, tenzij de bij de gebeurtenis betrokken motorrijtuigen voor particulier gebruik  bestemd zijn;

- de uit de gebeurtenis voortvloeiende bedrijfsschade,  waardevermindering en administratiekosten.

3.6 Zekerheidstelling

Als een buitenlandse overheid – om de rechten van de  benadeelden te waarborgen – verlangt dat er een zekerheid  wordt gesteld om de opheffing van een op het motorrijtuig gelegd  beslag of de invrijheidstelling van een verzekerde te verkrijgen,  zal de verzekeraar deze zekerheid verstrekken tot een bedrag van ten  hoogste € 50.000.

Dat doet deze echter alleen in gevallen waarbij sprake is van een  gedekte gebeurtenis.

De verzekerden zijn verplicht de verzekeraar te machtigen over de zekerheidsstelling te beschikken zodra deze wordt vrijgegeven en  bovendien zullen zij alle medewerking moeten verlenen om  terugbetaling te verkrijgen.

3.7 (Proces-)kosten en wettelijke rente

Boven het verzekerde bedrag worden vergoed:

3.7.1 de kosten van met goedvinden of op verlangen van MS  Amlin gevoerde procedures en in diens opdracht verleende  rechtsbijstand;

3.7.2 de wettelijke rente over het door de verzekering gedekte  gedeelte van de hoofdsom.

3.7.3 de bereddingskosten.

3.7.4 de kosten die de verzekeraar in rekening worden gebracht voor  schadebehandeling door één van zijn buitenlandse  vertegenwoordigers, die haar in en buiten rechte  vertegenwoordigen op basis van de groenekaartovereenkomst.

De in dit artikel genoemde kosten maken onderdeel uit van de  aan verzekeringnemer toe te rekenen schadelast die de verzekeraar hanteert ter bepaling van het resultaat, het eventueel in rekening  te brengen eigen risico of het bepalen van de nieuwe bonustrede.

Artikel 4 Wat is uitgesloten?

Naast de algemene uitsluitingen vermeld in de Algemene en Productvoorwaarden geeft deze verzekering geen dekking  voor:

4.1 de aansprakelijkheid van hen die niet door een daartoe  bevoegd persoon gemachtigd zijn om als bestuurder of passagier gebruik te maken van het motorrijtuig;

4.2 de aansprakelijkheid voor schade toegebracht aan de  bestuurder van het motorrijtuig dat het ongeval veroorzaakt en  aan zaken die de bestuurder in eigendom toebehoren; 4.3 de aansprakelijkheid voor schade:

- aan het motorrijtuig en/of eventueel gekoppeld object zelf; - aan een ander motorrijtuig dat door het motorrijtuig gesleept  wordt;

- aan zaken, die zich bevinden in/op, vallen uit/van of zijn  gevallen uit/van het motorrijtuig en/of gekoppeld object; - aan onroerende en roerende zaken, waarvan verzekeringnemer of de houder van het motorrijtuig de  eigenaar, de huurder, de exploitant of de houder is; met inbegrip van de daaruit voortvloeiende schade;

4.4 de aansprakelijkheid voor schade door lichamelijk letsel,  benadeling van de gezondheid of dood van meerijdende  personen, die zich op het moment van de gebeurtenis op of in het

motorrijtuig bevinden anders dan op wettelijke toegestane zit en/of staanplaatsen.

4.5 de aansprakelijkheid voor schaden ontstaan op de voor  vliegtuigen en overig luchtverkeer opengestelde gedeelten van  vliegvelden en luchthavens.

Artikel 5 Behandeling van een schadegeval

5.1 de verzekeraar neemt de regeling en de vaststelling van de schade  op zich.

de verzekeraar heeft het recht de benadeelden rechtstreeks  schadeloos te stellen en schikkingen met hen te treffen.

5.2 Schadevergoeding

Als de te betalen schadevergoeding bestaat uit periodieke  uitkeringen en als de waarde van deze uitkeringen – met daarbij  opgeteld eventuele andere schadevergoedingen – hoger is dan  het verzekerd bedrag, wordt de duur of de hoogte van deze  uitkeringen naar evenredigheid verminderd.

5.3 Verhaalsrecht

5.3.1 Als de verzekeraar op grond van de Wet  aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen of een daarmee  overeenkomende buitenlandse wet tot schadevergoeding is verplicht zonder dat sprake is van een gedekte gebeurtenis, heeft  deze het recht deze schadevergoeding en kosten te verhalen op

de aansprakelijke verzekerde en op verzekeringnemer.

5.3.2 de verzekeraar zal geen gebruik maken van dit verhaalsrecht  tegenover:

5.3.2.1 verzekeringnemer of zijn erfgenamen, als de schade door  een ander dan verzekeringnemer of zijn erfgenamen is  veroorzaakt, nadat de dekking overeenkomstig artikel 6 van de  Algemene Voorwaarden is beëindigd, mits voldaan is aan de in  dat artikel genoemde verplichting tot kennisgeving;

5.3.2.2 verzekerde, niet zijnde de verzekeringnemer, die te  goeder trouw mocht aannemen dat zijn aansprakelijkheid was  gedekt;

5.3.2.3 verzekerde die aantoont dat de omstandigheden op grond  waarvan hij geen rechten kan ontlenen aan deze verzekering,  zich buiten zijn weten en tegen zijn wil hebben voorgedaan en dat  hem ter zake van die omstandigheden redelijkerwijs geen verwijt  treft.


Rubriek IIB Casco uitgebreid

Artikel 1 Aanvullende begripsomschrijvingen

1.1 Verzekerde

Verzekerde is verzekeringnemer.

1.2 Motorrijtuig

Het op het polisblad omschreven motorrijtuig met de standaard  bijgeleverde onderdelen en voorwerpen, ook de voorwerpen die  naderhad permanent aan de auto zijn vastgemaakt mits dit door  de wet is toegestaan.

1.3 Accessoires

De volgende zaken beschouwt de verzekeraar als medeverzekerde  accessoires:

∙ Afleveringskosten en verwijderingsbijdragen;

∙ Belettering:

∙ Brandblusser;

∙ Gevarendriehoek;

∙ Pechkoffer en –lamp;

∙ Sleepkabel,startkabel en verbandtrommel.

∙ Invers Cloudboxx

Niet als accessoires worden beschouwd:

∙ Losse zend- en/of ontvangstapparatuur, zoals mobiele  telefoons,tablets,scanners of radardetectie.

∙ Draagbare apparaten die ook buiten de auto kunnen  worden gebruikt, zoals mp3-spelers, dvd-spelers, losse  navigatie, losse radio’s enzovoort

1.4 Oorspronkelijke cataloguswaarde

De prijs volgens opgave van de importeur/fabrikant op de datum  van afgifte van deel I van het kentekenbewijs, of wanneer de auto bij afgifte deel I niet nieuw was, op de datum dat de auto voor het  eerst nieuw werd afgeleverd.

1.5 Nieuwwaarde

De op de dag van de gebeurtenis meest recente prijs, vermeld in  de prijslijst van de fabrikant waaronder begrepen de  carrosseriebouwer of importeur, van een nieuwe personenauto  van gelijk merk, model, type en uitvoering met dezelfde  accessoires,eventuele belettering, afleveringskosten en

verwijderingsbijdrage tot maximaal 110% van het verzekerde  bedrag.

1.6 Ruitbreuk

Schade aan ruiten (inclusief zonnedak en soortgelijke  voorzieningen) met de daarin geïntegreerde voorzieningen, zoals  verwarming en tinting, maar exclusief daarop aangebrachte  zaken, zoals vignetten, dashcams, navigatie, tolkastjes en  soortgelijke zaken.

Artikel 2 Wat is verzekerd?

2.1 de verzekeraar verzekert schade aan of verlies van het motorrijtuig  ontstaan door gebeurtenissen genoemd onder de dekking Casco  beperkt, namelijk:

- brand, explosie, kortsluiting, zelfontbranding en  blikseminslag;

- diefstal of poging daartoe van het motorrijtuig en/of van zich  daarin bevindende zaken, verduistering – mits de auto geen  huurauto is – en joyriding;

- ruitbreuk, niet gepaard gaande met andere schade aan het motorrijtuig dan door scherven van de ruit;

Ruitvervanging en ruitreparatie wordt slechts vergoed  wanneer deze wordt uitgevoerd door een door de verzekeraar geselecteerd glasherstelbedrijf.

Voor ruitreparaties volgens de harsinjectiemethode geldt  geen eigen risico;

Bij ruitvervanging door een door de verzekeraar geselecteerd  glasherstelbedrijf geldt een vermindering van het eigen risico  met € 67 mits de financiële afwikkeling van de schade  rechtstreeks tussen het herstelbedrijf en de verzekeraar

plaatsvindt;

- overstroming (waaronder wordt verstaan het bezwijken of  overlopen van dijken, kaden, sluizen of andere  waterkeringen), hagel en sneeuwlawines;

- (om)vallende voorwerpen als gevolg van storm (waaronder wordt verstaan een windsnelheid van ten minste 14 m per  seconde, windkracht 7);

- het omwaaien van het motorrijtuig;

- het vallen van luchtvaartuigen of onderdelen daarvan en het  vallen van voorwerpen uit een luchtvaartuig;

- botsing met vogels, loslopende dieren of overstekend wild,  maar alleen voor zover de schade rechtstreeks door de  botsing zelf is toegebracht;

- een van buiten komende gebeurtenis gedurende de periode dat het motorrijtuig voor transport met een vervoermiddel aan  een transportonderneming is overgedragen, met uitzondering  van schade ontstaan tijdens takelen en slepen en schade als  krassen, schrammen en lakschade;

- relletjes (waaronder wordt verstaan incidentele geweldmanifestaties gericht tegen het openbaar gezag). Bovendien is verzekerd schade aan of verlies van het motorrijtuig  ontstaan door:

- botsen, omslaan, slippen, van de weg of te water geraken; - een andere plotselinge en onvoorziene ten opzichte van het  motorrijtuig van buiten komende gebeurtenis.

Deze gebeurtenissen zijn ook gedekt als zij het gevolg zijn van  een eigen gebrek.

2.2 Hulpverlening buiten Nederland na pech

De hulpverlening in het buitenland na stilstand als gevolg van een  gebrek aan het motorrijtuig omvat:

- de onder artikel 3.3.2 van de Productvoorwaarden  omschreven hulpverlening;

- de vergoeding van de noodzakelijke kosten van hulp op de  plaats van het tot stilstand komen. Hieronder worden niet  begrepen de kosten van onderdelen en reparatie;

- het bestellen en toezenden van onderdelen die noodzakelijk  zijn om het motorrijtuig binnen vier werkdagen rijklaar te  maken, als deze onderdelen ter plaatse niet (tijdig)  verkrijgbaar zijn. De kosten van de onderdelen zelf komen  voor rekening van verzekerde, maar worden eerst door MS  Amlin voorgeschoten.

- de verzekeraar kan daarentegen betaling vooraf verlangen, als deze kosten hoger zijn dan € 750,-. De hulpverlening wordt  ook uitgevoerd, als er samenhang is met andere  hulpinstanties. Wel behoudt de verzekeraar zich het recht voor de  kosten eventueel met die andere hulpinstanties te  verrekenen.

Artikel 3 Wat is uitgesloten?

3.1 Naast de algemene uitsluitingen vermeld in de Algemene en  Productvoorwaarden geeft deze verzekering geen dekking voor: 3.1.1 schade door vorst, tenzij de bevriezing het gevolg is van  een gedekte gebeurtenis;

3.1.2 schade wegens eigen gebrek, constructie- of  materiaalfouten, slijtage, slecht onderhoud van het motorrijtuig of  onoordeelkundig gebruik van het mechanisme. Wanneer echter  als gevolg daarvan een gebeurtenis heeft plaatsgevonden als  omschreven in artikel 2.1 dan is de daardoor veroorzaakte  schade wel gedekt;

3.1.3 schade wegens het niet kunnen gebruiken van het  motorrijtuig;

3.1.4 schade bestaande uit waardevermindering van het  motorrijtuig;

3.1.5 schade aan radardetectie- en andere apparatuur bedoeld  om de controle van de gereden snelheid te detecteren, te  verstoren of onmogelijk te maken.

3.1.6. schade door verkeerd getankte brandstof.

Artikel 4 Behandeling van een schadegeval

4.1 De vaststelling van een schade

4.1.1 Verzekerde is verplicht de verzekeraar in de gelegenheid te  stellen de schade vast te stellen voordat met de reparatie wordt  begonnen. Hij kan hiertoe één of meer deskundigen benoemen.  Het is verzekerde toegestaan:

- schade aan het motorrijtuig beneden € 1.000,- direct te laten  herstellen, mits hij de verzekeraar daarvan in kennis stelt en een  gespecificeerde nota overlegt;

- een noodreparatie (waaronder te verstaan een tijdelijke eenvoudige voorziening) te laten verrichten als de beschadiging van dien aard is dat verder rijden onmogelijk is  of gevaar oplevert voor het verkeer of het motorrijtuig zelf,  mits hij de verzekeraar daarvan vooraf in kennis stelt en achteraf  een gespecificeerde nota overlegt.

4.1.2 Expertise van schade houdt voor de verzekeraar geen erkenning  van enige plicht tot uitkering in.

4.2 De omvang van de schadevergoeding

4.2.1 de verzekeraar vergoedt tot maximaal het verzekerde bedrag:

4.2.1.1 in geval van beschadiging van het motorrijtuig de  reparatiekosten tot ten hoogste het verschil in waarde van het  motorrijtuig onmiddellijk vóór en na de gebeurtenis. Als de  reparatiekosten hoger zijn dan dit verschil, is er sprake van totaal  verlies. De BTW over de restanten wordt slechts vergoed voor  zover deze niet op factuur verrekend kan of had kunnen worden;

4.2.1.2 in geval van verlies door diefstal of verduistering van het  motorrijtuig, de waarde onmiddellijk vóór het verlies.

4.2.2 Nieuwwaarderegeling

4.2.2.1 Voor een personenauto

- waarvan op deel 1 van het kentekenbewijs wordt vermeld  dat het een personenauto betreft, met uitzondering van  lesauto’s, taxi’s, verhuur- en leaseauto’s,

- die bij afgifte van het Nederlandse kentekenbewijs nieuw  was,

- waarvan de nieuwwaarde op dat moment niet meer dan € 85.000 exclusief BTW bedroeg,

- waarvan verzekerde de eerste eigenaar is, of

- waarvan verzekerde niet de eerste eigenaar is, maar met  het motorrijtuig minder dan 2.000 km. per maand is gereden,  gerekend vanaf de datum van afgifte van deel 1 van het kentekenbewijs,

geldt gedurende 36 maanden een afwijkende waardebepaling. De waarde van het motorrijtuig onmiddellijk vóór de gebeurtenis  wordt - uitgaande van de datum van afgifte van het  kentekenbewijs - als volgt bepaald:

- Wanneer de gebeurtenis plaatsvindt binnen 24 maanden: de  nieuwwaarde tot maximaal 110% van de verzekerde  waarde;

- Wanneer de gebeurtenis in de 25e tot en met de 36e maand  plaatsvindt: de nieuwwaarde verminderd met 1,75% voor  elke geheel of gedeeltelijk verstreken maand dat het  motorrijtuig op dat moment ouder is dan 12 maanden.

4.2.2.2 Voor een bestelauto:

- waarvan op deel 1 van het kentekenbewijs wordt vermeld  dat het een bestelauto betreft met uitzondering van  lesauto’s, taxi’s, verhuur- en leaseauto’s,

- die bij afgifte van het Nederlandse kentekenbewijs nieuw was,

- waarvan de nieuwwaarde op dat moment niet meer dan € 85.000 exclusief BTW bedroeg en

- waarvan verzekerde de eerste eigenaar is, of

- waarvan verzekerde niet de eerste eigenaar is, maar met  het motorrijtuig minder dan 2.000 km. per maand is gereden, gerekend vanaf de datum van afgifte van deel I van het kenteken bewijs,

geldt gedurende 36 maanden een afwijkende waardebepaling. De waarde van het motorrijtuig onmiddellijk vóór de gebeurtenis  wordt – uitgaande van de datum van afgifte van het  kentekenbewijs – als volgt bepaald:

- wanneer de gebeurtenis plaatsvindt binnen 12 maanden: de  nieuwwaarde tot maximaal 110% van de verzekerde waarde; - wanneer de gebeurtenis in de 13e tot en met de 36e maand  plaatsvindt: de nieuwwaarde verminderd met 1,5% voor elke  geheel of gedeeltelijk verstreken maand vanaf de datum van  afgifte deel I van het kentekenbewijs.

4.2.2.3 Als de reparatiekosten meer bedragen dan tweederde van  de waarde van het motorrijtuig onmiddellijk vóór de gebeurtenis,  zoals vastgesteld in artikel 4.2.2.1, kan verzekerde naar keuze  ook aanspraak maken op vergoeding op basis van totaal verlies.

4.2.3 Extra vergoedingen

de verzekeraar vergoedt boven het verzekerde bedrag:

4.2.3.1 schade aan of verlies van een door de Stichting  Certificering Motorrijtuigbeveiliging (SCM) goedgekeurde of door  de verzekeraar erkende ingebouwde alarminstallatie als gevolg van  een gedekte gebeurtenis;

4.2.3.2 schade aan of vermissing van kleding en handbagage van  passagiers, mits het motorrijtuig bij het ongeval eveneens wordt  beschadigd, of in geval van een ongeval met een motorrijwiel of  scooter: schade aan of verlies van kleding en de helm van de  opzittenden, in beide gevallen tot maximaal € 750,- tezamen per  gebeurtenis;

4.2.3.3 kosten van bewaking en eventueel vervoer naar de  dichtstbijzijnde garage waar de, als gevolg van een gedekte gebeurtenis, ontstane schade kan worden hersteld voor zover  geen beroep kan worden gedaan op artikel 3.3 van de  Productvoorwaarden;

4.2.3.4 een bedrag van € 25 per dag gedurende de tijd dat het  motorrijtuig ten gevolge van diefstal of verduistering vermist is,  dan wel het teruggevonden motorrijtuig nog niet door  politie/justitie is vrijgegeven. Dit met een maximum van dertig

dagen vanaf de datum van aangifte van de gebeurtenis bij de  politie. Deze vergoeding wordt uitsluitend verleend, als de verzekering betrekking heeft op een personenauto die tegen de  genoemde risico’s is verzekerd en geen taxi, verhuur- of  leaseauto is;

4.2.3.5 Bijdrage in averij grosse.

4.2.3.6 De kosten van wijziging, of - als dat niet mogelijk is - vervanging van sleutels en/of sloten van het verzekerde  motorrijtuig, als de motorrijtuigsleutels na diefstal met braak of  beroving met geweld in het bezit van onbevoegden zijn geraakt.  Onder motorrijtuigsleutels worden in dit verband verstaan alle  mechanische en/of elektronische middelen met hulp waarvan de  portieren van het motorrijtuig kunnen worden geopend en/of de  motor van het motorrijtuig kan worden gestart. De vergoeding  bedraagt ten hoogste 3% van het verzekerd bedrag voor casco.

De hierboven genoemde diefstal of beroving dient te blijken uit  een proces-verbaal van aangifte, waarin de motorrijtuigsleutels  afzonderlijk vermeld staan.

4.2.4 Onderverzekering

Als het verzekerde bedrag lager is dan de oorspronkelijke  cataloguswaarde vermeerderd met de waarde van de  accessoires,afleveringskosten en verwijderingsbijdrage,  zal schadevergoeding plaatsvinden in de verhouding van waarin het verzekerde bedrag staat tot die waarde.

4.2.5 Eigen risico

4.2.5.1 Voor de overige gebeurtenissen genoemd onder de dekking  Casco uitgebreid geldt een eigen risico van €1.000,- zoals vermeld op het  polisblad.

4.2.6 Vergoeding op basis van totaal verlies

Als sprake is van totale vernietiging of verlies van het motorrijtuig  in de zin van de polisvoorwaarden zal de verzekeraar niet eerder tot  schadevergoeding overgaan dan nadat (het eigendom van) het  verzekerde motorrijtuig of het restant daarvan, inclusief de  eventueel te vergoeden extra voorzieningen en accessoires, aan

hem of aan een door hem aangewezen derde is overgedragen.  Verzekerde is verplicht alle delen van het bij het verzekerde  motorrijtuig behorende kentekenbewijs en de sleutels op verzoek van de verzekeraar of van de door hem aangewezen derde te  overhandigen.

4.2.7 Vergoeding na verlies door diefstal of verduistering Als het motorrijtuig is gestolen of verduisterd is de verzekeraar uitsluitend tot vergoeding verplicht als het motorrijtuig niet binnen  dertig dagen na datum van aangifte bij de politie wordt  terugverkregen en alle delen van het kentekenbewijs kunnen  worden overgelegd en de eigendomsrechten van het motorrijtuig  aan de verzekeraar onbezwaard worden overgedragen. Als het motorrijtuig alsnog wordt teruggevonden, is de verzekeraar verplicht de eigendomsrechten van het motorrijtuig op verzoek  van verzekerde aan hem over te dragen tegen terugbetaling van  het uitgekeerde bedrag onder aftrek van de kosten van herstel  van eventuele beschadigingen. Als het motorrijtuig binnen dertig dagen na datum van aangifte bij de politie wordt terugverkregen,  vindt in geval van beschadiging vergoeding plaats  overeenkomstig het bepaalde in artikel 4.2.1.1.

4.3 Verhaalsrecht

de verzekeraar zal de betaalde vergoeding verhalen op de door  verzekerde gemachtigde bestuurder of diens werkgever, als de  schade is ontstaan gedurende de periode dat het motorrijtuig  tegen betaling in behandeling, onderhoud of reparatie was.


Rubriek VB Schadeverzekering voor inzittenden.

Artikel 1 Aanvullende begripsomschrijvingen

1.1 Verzekerde

De inzittende van een motorrijtuig, zoals hierna onder 1.3  beschreven.

1.2 Inzittende

Onder inzittende – waaronder mede begrepen de bestuurder van  het motorrijtuig – wordt verstaan degene die met instemming van  verzekeringnemer zich in een motorrijtuig als bedoeld in artikel  1.3 bevindt op een wettelijk toegestane zitplaats, in of uit dat  voertuig stapt, of in de onmiddellijke omgeving daarvan verblijft  tijdens het onderweg bijvullen van brandstof (tanken) of tijdens  het onderweg verrichten van een noodreparatie aan het  motorrijtuig.

1.3 Motorrijtuig

Het motorrijtuig dat als zodanig is omschreven op het polisblad.

1.4 Verkeersongeval

Een botsing, aan- of overrijding tijdens deelname aan het verkeer,  waarbij ten minste het motorrijtuig als onder 1.3 omschreven is  betrokken.

1.5 Schade

1.5.1 Personenschade

Letsel of aantasting van de gezondheid van verzekerde, al dan  niet de dood ten gevolge hebbend, met inbegrip van de daaruit  voortvloeiende schade.

1.5.2 Zaakschade

Beschadiging, vernietiging of verlies van zaken van verzekerde  die behoren tot diens normale particuliere huishouding. Motorrijtuigen, aanhangwagens/caravans en de daarmee vervoerde zaken vallen daar uitdrukkelijk niet onder.

Artikel 2 Wat is verzekerd?

2.1 Schade van verzekerde

Met inachtneming van de Algemene en Productvoorwaarden,  maar met terzijdestelling van de in de Productvoorwaarden  genoemde artikelen 3.3, 3.4 en 7 is verzekerd de schade van  verzekerde als gevolg van een verkeersongeval dat heeft  plaatsgevonden gedurende de looptijd van deze verzekering, tot  ten hoogste € 1.000.000 per gebeurtenis voor alle verzekerden  tezamen. Als meerdere verzekerden aanspraken kunnen doen  gelden onder deze rubriek en het totaal van deze aanspraken het  maximum verzekerd bedrag overtreffen, zal dit bedrag naar  evenredigheid over de verzekerden worden verdeeld.  Aanspraken onder deze verzekering ontstaan pas door een  daartoe strekkende schriftelijke verklaring van verzekeringnemer tegenover de verzekeraar. Zaakschade is uitsluitend verzekerd als er  ook sprake is van gedekte personenschade.

2.2 Extra vergoedingen

2.2.1 Kosten van verweer

Zo nodig boven het verzekerd bedrag per gebeurtenis zijn  meeverzekerd de kosten van met goedvinden van of op  verlangen van de verzekeraar gevoerde procedures en verleende  rechtsbijstand met betrekking tot burgerrechtelijke aanspraken  van een verzekerde tegen verzekeringnemer tot vergoeding van  schade.

Artikel 3 Wat is uitgesloten?

In aanvulling op de uitsluitingen in de Algemene en  Productvoorwaarden is op deze verzekering uitgesloten:

3.1 Elders gedekte schade

Schade die verhaalbaar is onder een WAM-verzekering of enige  andere verzekering of voorziening. de verzekeraar zal zich niet op  deze uitsluiting beroepen in het geval het een uitkering betreft van  een ongevallen-inzittendenverzekering die door  verzekeringnemer ten behoeve van verzekerde werd afgesloten.

3.2 Aanspraken van anderen dan verzekerde

Aanspraken van anderen dan rechtstreeks bij het  verkeersongeval betrokken verzekerden of – voor zover dit  natuurlijke personen zijn – de erfgenamen.

Artikel 4 Behandeling van een schadegeval

4.1 Schadevaststelling personenschade

De personenschade zal worden vastgesteld en vergoed op grond  van de bepalingen in afdeling 10, titel 1, Boek 6 BW en volgens  de overige maatstaven van het burgerlijk recht.

de verzekeraar zal zich slechts beroepen op eigen schuld van de  verzekerde in gevallen van opzet of bewuste roekeloosheid, zoals  omschreven in artikel 3.5.1 van de Productvoorwaarden.Als verzekerde, in strijd met de wettelijke verplichtingen, geen gordel droeg wordt de schadevergoeding verminderd met 25%,  tenzij verzekerde aantoont, dat het niet dragen van de gordel  geen invloed heeft gehad op de schade.

De overige uitsluitingen als genoemd in de Algemene en  Productvoorwaarden blijven onverminderd van kracht.

4.2 Schadevaststelling zaakschade

De zaakschade wordt vergoed op basis van reparatiekosten tot  maximaal het verschil in waarde van de zaak direct voor en direct  na de beschadiging. Zijn de werkelijke reparatiekosten hoger dan  dit verschil of kan de zaak niet worden gerepareerd dan vergoedt  de verzekeraar de waarde van de zaak ten tijde van de gebeurtenis  onder aftrek van de waarde van de restanten.

Artikel 5 Overige bepalingen

5.1 Medewerking verlenen

De in artikel 4 van de Productvoorwaarden genoemde  verplichtingen bij schade zijn overeenkomstig op  verzekeringnemer van toepassing.

5.2 Bevoorschotten

Als het schadebedrag nog niet geheel kan worden vastgesteld,  kan de verzekeraar voorschotbetalingen doen voor dat deel van de  schade waarvan de omvang als wel vaststaat.

5.3 Geschillen over de schadeomvang

In aanvulling op het bepaalde in artikel 12 van de Algemene  Voorwaarden geldt het volgende:

Als de verzekerde en de verzekeraar geen overeenstemming bereiken  over de omvang van de schade, kan het geschil naar keuze van  verzekerde op een van de volgende manieren worden opgelost:

5.3.1 verzekerde benoemt een contra-expert, die alvorens met  zijn werkzaamheden te beginnen, contact opneemt met de  deskundige die door de verzekeraar is ingeschakeld. Zij benoemen eerst een arbiter, die in het geval beide deskundigen geen overeenstemming kunnen bereiken, een voor beide partijen  bindende uitspraak doet. De kosten hiervan komen voor rekening  van de verzekeraar.

5.3.2 het geschil wordt voorgelegd aan de bevoegde rechter, die  tevens bepaalt voor wiens rekening de kosten komen.

Verzekeringsvoorwaarden